Robin Smorenberg

OneDrive

Robin Smorenberg komt uit Castricum en geeft les aan basisschool De Windhoek in Egmond-Binnen. Op zijn school worden allerlei devices gebruikt: van computers tot iPads en van laptops tot Microsoft Surfaces. Met behulp van de clouddienst OneDrive heeft hij een samenwerkingsplatform voor in de klas gemaakt, eerst als verzamelpunt voor hulpmaterialen en later als samenwerkingstool voor leerlingen onderling en als portfolio voor leerlingen individueel.

Hoe het begon

Zoals zoveel goede ideeën en projecten ontstond ook het project van Robin Smorenberg uit praktische noodzaak, bij het zoeken naar een oplossing voor een probleem waar hij en zijn collega’s tegenaan liepen. “We gebruiken op school veel verschillende devices en zochten naar een manier waarop we kinderen, onafhankelijk van welk apparaat ze gebruiken, toegang konden geven tot de verschillende hulpmaterialen die we op school gebruiken. Al snel kwamen we uit bij de clouddiensten, zoals Google Drive en Dropbox. Maar omdat we binnen onze stichting al een tijd gebruikmaken van Office 365 van Microsoft, bleek OneDrive een betere keuze.” In eerste instantie werd OneDrive vooral gebruikt om informatie van de leraar naar de leerling te verzenden – eenrichtingsverkeer, zoals Robin het noemt. “Later hebben we gekeken of we OneDrive niet meer als samenwerkingsplatform konden gebruiken, zodat leerlingen ook onderling aan opdrachten en projecten konden werken. Zo kwamen we tot de huidige werkwijze.”

Welke stappen heb je genomen?

De keuze voor OneDrive als samenwerkingsplatform werd dus in eerste instantie bepaald door het probleem van de vele verschillende devices en door het gegeven dat de school al met Office 365 werkte. “Er zijn veel alternatieven beschikbaar, maar de kennis en ervaring die wij als team al hadden met Office 365 hebben de doorslag gegeven bij onze keuze. Het is goed denkbaar dat andere teams voor een ander alternatief kiezen, zoals Google Drive.” Toen de beslissing eenmaal gemaakt was, werd er getest – in de klas, welteverstaan. “We hebben in de klas gekeken wat het beste werkte wat betreft indeling en inhoud. Hoe brengen we structuur aan, hoe kunnen we ervoor zorgen dat iedereen overal bij kan? Daar kwam na verloop van tijd een werkbaar model uit.” Dat model ontwikkelde zich gaandeweg: wat begon als een verzamelplek voor materiaal werd al snel een uitwisselingsplek voor leraren onderling. “Veel werkbladen zijn op deze manier uitgewisseld. Werkbladen die daarvoor bij iedereen alleen op de eigen harde schijf zouden staan.” Voor inspiratie keken Robin en zijn collega’s regelmatig op het Microsoft Educator Network (voorheen Partners in Learning Network). “Daar zijn veel voorbeelden te vinden van leraren over de hele wereld die dit soort dingen al uitgeprobeerd hebben. Dat maakt het zelf uitvoeren een stuk gemakkelijker.”

Wat vinden de leerlingen daarvan?

“Oorspronkelijk werd OneDrive vooral voor eenrichtingsverkeer gebruikt, van leraar naar leerling. Pas toen leerlingen zagen hoe ze het kunnen gebruiken voor samenwerkingsopdrachten en projecten kreeg het voor hen echt meerwaarde. Groepjes leerlingen startten hun samenwerking op school, in het computerlokaal, maar konden dan thuis verder werken. Het was vooral leuk om te zien dat sommige groepjes zelf heel slimme toepassingen bedachten, die wij nog niet gezien hadden.”

Wat werkte goed, wat werkte minder goed?

Er zijn een paar aandachtspunten te noemen bij het invoeren van een dergelijke werkwijze. “Ten eerste moet de ict-infrastructuur op orde zijn. Een degelijk wifinetwerk is belangrijk en het is prettig als er verschillende apparaten op school beschikbaaar zijn. Sommige opdrachten werken beter op een gewone computer, andere juist op een tablet. Daarnaast is het van belang om de kinderen de manier van samenwerken goed uit te leggen. Sommige leerlingen zijn hier heel snel in, terwijl andere echt eerst wat ondersteuning nodig hebben. Daarin hebben wij zo nu en dan een inschattingsfoutje gemaakt. Ten slotte is het ook belangrijk om de werkwijze goed aan collega’s uit te leggen, zodat zij de voordelen kunnen benutten. Een nieuwe technologie vereist een nieuwe manier van werken.”

Tips voor andere leraren

“Ik denk dat we in de toekomst alleen maar meer gebruik gaan maken van digitale leermiddelen. Ik hoop dat er systemen komen die het gepersonaliseerd leren nog meer mogelijk maken. Mijn tip? Ga vooral nieuwe dingen proberen. Door ervaring op te doen met leuke, kleine projecten kan je een goed fundament leggen voor grotere projecten.”