Tiny Rossar

Spellingcircuit

Tiny Rossar is leerkracht van het vijfde leerjaar van de Centrumschool Beveren-Waas. Ook is ze een SMART Board Certified Trainer. Voor haar klas heeft ze een Yurls-pagina aangemaakt, waarop haar leerlingen alles kunnen vinden wat ze nodig hebben voor, tijdens en na de lessen. Een voorbeeld hiervan is het Spellingcircuit, een project waarin de leerlingen op verschillende manieren en in groepjes spellingsmoeilijkheden oefenen.

Hoe het begon

Juf Tiny raakte geïnspireerd tot dit project, het Spellingcircuit, toen ze het zag bij collega-leerkracht Linda Humme (@lhumme). ‘Zij is echt de ontwerper van het project’, zegt Tiny vooraf. ‘Ik ben slechts een uitvoerder. Ik werd zo enthousiast toen ik het in haar klas zag, dat ik het heb aangepast aan de methode die wij gebruiken.’
In het Spellingcircuit oefenen de leerlingen spellingsmoeilijkheden op verschillende manieren. Zo gaat een groepje actief aan de slag met het Smartboard, een ander groepje doet flitsoefeningen met een laptop en een derde groep gaat aan de slag met web 2.0., een verzamelnaam voor internettools. De laatste groep werkt in het spellingboek. Elke activiteit duurt ongeveer vijftien minuten, dan schuiven de groepjes door.

Welke stappen heb je ondernomen?

‘Ik ben eerst op zoek gegaan naar spellinglessen die zich goed leenden voor de verschillende oefenvormen. Vervolgens heb ik de Smartboardlessen gemaakt, omdat ik hier al heel vertrouwd mee was. Daarna kwamen de flitsoefeningen, waarvoor ik het ontwerp van Linda Humme gebruikte.’ Doordat Tiny het voorbeeld kon gebruiken, was ook dit nog goed te doen. Voor de derde werkvorm, de web 2.0-tools, was iets meer onderzoek nodig. ‘Ik heb allerlei web 2.0-tools uitgeprobeerd, en ook uitgevist hoe ik deze kon opslaan op usb-stick. Ik wilde dat leerlingen hun werkjes konden bewaren, zodat ze later ook op de Yurls-pagina geplaats konden worden. Van enkele tools heb ik een screencast gemaakt om de werkwijze voor de leerlingen te verduidelijken. En na al deze stappen, konden we beginnen!’

Hoe reageerden de leerlingen?

‘De leerlingen zijn echt enthousiast. Ze vinden het heel leuk om spelling eens op een andere manier te doen.’

Wat werkte goed, wat werkte minder goed?

Tiny is vooral enthousiast over het Spellingcircuit, net als haar leerlingen. ‘Eigenlijk zijn er weinig dingen, misschien wel niets, waarvan ik kan zeggen dat het niet werkte. De resultaten van de leerlingen zijn verbeterd, de leerlingen vinden spelling niet meer saai, maar juist leuk om te doen. In het begin kostte het maken van de web 2.0-opdrachten soms wat meer tijd, maar na twee keer het Spellingcircuit te hebben uitgevoerd, was dat geen probleem meer.’
Van andere leerkrachten hoort Tiny wel dat deze het soms lastig vinden om het Smartboard aan de leerlingen toe te eigenen. Haar advies: ‘Maak correcte afspraken. Je zal merken dat dit een enorme meerwaarde is.’

Tips voor andere docenten

Juf Tiny denkt dat er alleen maar meer gebruik gemaakt zal worden van digitale leermaterialen. Haar tip voor collega’s is dan ook: ga er voor en probeer het uit! En, als eerste stap, begin een Twitter account. ‘Ik heb heel veel geleerd via Twitter, het is ontzettend handig om kennis te maken met nieuwe zaken en om kennis en materialen te delen.’

Tiny’s goede voorbereiding leidde tot de volgende resultaten. Een goede inspiratiebron voor andere leerkrachten!

Groepje 1 werkt met het Smartboard: 
Doordat kinderen in een klein groepje actief bezig zijn bij het SMART Board, met het slepen, schuiven en aanklikken van woorden, ontstaat er vanzelf veel interactie rondom het SMART Board. Daarbij maak ik vooral gebruik van de Lesson Activity Toolkit, een onderdeel van de software, waarin snel en eenvoudig lesjes gemaakt kunnen worden.

Groepje 2 werkt met Flitsoefeningen:
Een groepje leerlingen werkt rondom een computer of laptop. De PowerPoint is opgestart en één van de leerlingen bedient de PowerPoint. Ze zien een woord in beeld komen. Ze hebben even de tijd om het woord goed op te schrijven en kunnen dan direct het woord nakijken, want in de PowerPoint komt na een aantal seconden het goede woord in beeld. Zodra alle kinderen het woord nagekeken hebben, zorgt degene die de PowerPoint bedient dat er doorgeklikt wordt naar het volgende woord. Ik maak gebruik van een basis PowerPoint. Bij nieuwe spellingscategorieën pas ik alleen de woorden aan en zo heb ik niet al te veel werk bij het maken van een nieuw flitsdictee.

Groepje 3 werkt met web 2.0-toepassingen:
De leerlingen kunnen de woorden inoefenen door ze via een web 2.0 tool in te typen. Voor de werkwijze is er een screencast voorzien. Het is de bedoeling dat de werkjes van de leerlingen ook bewaard worden in hun mapje!

Enkele voorbeelden van web 2.0 tools : http://www.wordle.net/create http://worditout.com/  http://worditout.com/http://www.imagechef.com/ic/word_mosaic/ http://www.tagxedo.com/app.html

De leerlingen maken de werkjes in de klas en bewaren ze op hun USB-stick. Ik zet daarna alle werkjes op de leerlingenpagina op Yurls. http://juftinycentrumschool.yurls.net/nl/page/806355#topboxes”